aura of laura

Aura of Laura?

Minder samenwerken is soms het antwoord om beter samen te werken

Met puberdochters die hun fits, moves en looks delen op sociale media, werd ik als millennial moeder opnieuw richting TikTok gezogen. Even meegluren naar wat daar gebeurt, is soms geen overbodige moedertaak.

 

Ik moet bekennen: toen ik voor het eerst weer TikTok-filmpjes opende, lag ik vrij snel in een deuk. Vooral de AURA OF LAURA-filmpjes brachten me heel hard aan het lachen. Met een overtuigende 'zie je nu waarom we dit leuk vinden'-echo op de achtergrond.

 

Voor de niet-kenners en boomers onder ons: in AURA OF LAURA-filmpjes beoordelen jongeren of iemands gedrag moeiteloos cool en charismatisch is, ‘AURA’, of juist wat onhandig en gênant overkomt: ‘LAURA’. Denk aan een duik vanaf een boot. De ene persoon verdwijnt super elegant en bijna geruisloos in het water. De andere maakt een plonzende, pijnlijke buiklanding. AURA versus LAURA. Het onderscheid is redelijk duidelijk :).

 

Sindsdien zie ik wel meer ‘AURA en LAURA’. Ook in teams. Want ook daar verwarren we beide opvallend makkelijk.

 

Veel samenwerken voelt als AURA

Samenwerken heeft een haast onaantastbare status gekregen. Als een team vastloopt, klinkt al snel: 'we moeten beter samenwerken.' Meestal bedoelen we daarmee: meer afstemmen, vaker overleggen, iedereen vroeger betrekken en informatie breder delen. Het klinkt betrokken en professioneel. Niemand wil immers degene zijn die zegt: 'Misschien moeten we elkaar wat minder spreken.'

 

Vandaag werkt +- 94 procent van de mensen in een of meerdere teams (Van der Loo, 2025). In de jaren negentig was dat volgens Hans van der Loo nog ongeveer 30 procent. Werken in teams is dus geen bijzondere organisatievorm meer. Het is de standaard geworden. Tegelijk stelt Van der Loo vast dat slechts een beperkt deel van die teams boven verwachting presteert.

 

We werken met andere woorden massaal in teams, maar dat betekent nog niet dat we ook goed zijn geworden in teamwerk. Meer samenwerken ziet er aan de buitenkant vaak uit als AURA: volle agenda’s en drukke overlegtafels. Maar onder de oppervlakte kan het behoorlijk ‘LAURA’ zijn.

 

Wanneer samenwerken collaboratieve overbelasting wordt

Het is een ingewikkeld spanningsveld. Afstemmen versus tempo maken in het werk.? Moet een beslissing pas genomen worden nadat iedereen gehoord is? Moet een document eerst door andere handen? Stap ik gewoon de meeting in, of bereid ik me al even vooraf voor?

 

We belanden samen snel in wat Rob Cross, Reb Rebele en Adam Grant in 2016 'collaborative overload' (Cross et al., 2016) noemden. Te veel samenwerking put mensen uit en haalt hen weg van het werk waarvoor concentratie en zelfstandig denkwerk nodig zijn.

 

Ron Friedman trekt die lijn verder door in zijn recente boek Superteams (Friedman, 2026). Hij onderzocht wat uitzonderlijk sterke teams (high performing teams) anders doen. Een van zijn meer 'tegenintuïtieve' conclusies is dat de best presterende teams niet noodzakelijk méér samenwerken. Integendeel, ze beschermen de aandacht van hun teamleden.

 

Friedman herinnert me aan mijn tijd bij de bank. Ook ik plande daar mijn belangrijkste taken bewust ’s avonds, omdat de werkdag gevuld was met overleg en storing op mijn eilandbureau (wel gezellig ;)). Volgens Friedmans recent onderzoek (in de US weliswaar) besteedt een gemiddelde medewerker ongeveer achttien uur per week aan vergaderingen en elf uur aan het verwerken van berichten. Bijna drie kwart van de werkweek gaat zo op aan afstemming.

 

Het eigenlijke werk moet dan vervolgens gebeuren in de schaarse gaten tussen vergaderingen, ’s avonds of wanneer Teams eindelijk even stilvalt. Dat is geen gebrek aan persoonlijke productiviteit. Het is vaak een ontwerp- en structuurprobleem van het team.

 

Focustijd is geen individuele luxe noch 'mogelijkheid'

We behandelen focustijd nog te vaak als iets wat mensen zelf moeten zien te organiseren. Blokkeer je agenda. Zet je meldingen uit. Leer beter prioriteiten stellen. Sta een uur vroeger op als je echt ongestoord wilt werken. En dat klopt zeker. Het helpt absoluut om daar persoonlijke hygiëne voor in te bouwen.

 

Maar hoe goed iemand zijn agenda ook beheert, individuele discipline kan een samen-probleem niet oplossen. Wanneer een team verwacht dat iedereen voortdurend bereikbaar is, blijft focustijd uit.

 

Friedman maakt daarom van focus geen individueel trucje, maar een gezamenlijke afspraak. De best presterende teams uit zijn onderzoek zijn 50 procent beter in het vermijden van onnodige vergaderingen en plannen 54 procent minder vaak terugkerende meetings. Sommige teams voorzien zelfs gezamenlijke dagen waarop niemand vergadert en mensen niet geacht worden onmiddellijk op berichten te antwoorden. Dat is geen dag waarop het team niet samenwerkt. Het is een dag waarop het team elkaar helpt om goed werk te leveren. Niets nieuws onder de zon op zich, maar wel net datgene wat high performing teams doen.

 

En dat is misschien de meest interessante, iets meer duidelijk omkering: minder contact biedt méér team-oriëntatie én resultaat.

 

Minder 'in tijd' samenwerken vraagt meer vertrouwen en inschattingsvermogen én toch korte lijntjes met elkaar

Minder vergaderen klinkt eenvoudig, maar minder samenwerken is niet hetzelfde als minder contact. Korte lijnen, elkaar spontaan bellen en snel iets aftoetsen kunnen net voorkomen dat alles een formeel overleg wordt. Het vraagt vertrouwen om iemand een beslissing te laten nemen zonder er zelf bij te zijn. Tegelijk moeten collega’s elkaar gemakkelijk kunnen vinden wanneer afstemming wel nodig is.

 

Vergaderingen schrappen volstaat daarom niet. Een team heeft heldere richting, duidelijke rollen en afspraken nodig over wanneer je elkaar betrekt, wanneer een kort contact genoeg is en wanneer iemand zelfstandig verder kan.

 

De vraag is dus niet of we meer of minder moeten samenwerken. Een interessantere vraag is: welk soort samenwerking helpt ons vooruit, en welke samenwerking/afstemming houdt ons vooral 'bezig' zonder veel impact? En dat is uiteraard ook super context en sector afhankelijk.

 

Waar de grens tussen AURA en LAURA ligt, kan je niet voor elk team vooraf bepalen. Dat gesprek moet het team zelf voeren. Welke afstemming helpt ons vooruit? Wanneer zijn korte lijnen belangrijk? Waar verliezen we tijd door iedereen overal bij te betrekken? En welke ruimte hebben teamleden nodig om ongestoord goed werk te leveren?

 

AURA ontstaat wanneer een team daar samen bewuste keuzes over maakt. LAURA wanneer minder goeie teamgewoontes onopgemerkt de samenwerking gaan bepalen.

 

 

Geraadpleegde en geciteerd bronnen:

  • Bleeker, A., & Tjepkema, S. (2023).Ik team, wij teamen: Maak het beste van je samenwerking. Boom.
  • Cross, R., Rebele, R., & Grant, A. (2016). Collaborative overload.
  • Friedman, R. (2026).
  • Meijer, R., & Mulder, L. (2015).
  • Van der Loo, H. (2025).